20 Aug 2010Printervriendelijke versieSend to friend

NMBS vervoerde meer reizigers in 2009

Gepubliceerd door: PB

Uit de reizigerstellingen 2009 van de NMBS blijkt dat de trein het vaakst wordt gebruikt op weekdagen in Vlaams-Brabant.

De reizigerstellingen, die TreinTramBus (TTB) al verkreeg, geven het aantal reizigers weer die in een bepaald station de trein namen. Op weekdagen levert Vlaanderen in totaal 48% van alle treinreizigers, in het weekend zelfs 52%. De andere helft is telkens bijna gelijkmatig verdeeld over Brussel en Wallonië.

 

Het groot aantal stations en een dicht spoornet in Oost-Vlaanderen is goed voor 16% van de treinreizigers, meer dan Antwerpen (12%) en Vlaams-Brabant (11%) tijdens de werkdagen. In het weekend spant Antwerpen met 16% de kroon, gevolgd door Oost-Vlaanderen (14%).

Brussel, Antwerpen en Gent de grootste.
In Brussel blijft Brussel-Centraal met 72.772 reizigers per werkdag veruit het drukste station van het land. Daarna volgt Brussel-Zuid met 45.104, Gent (44.525), Brussel-Noord (41.169), Antwerpen-Centraal (31.118) en Leuven (28.435).

Behalve voor Brussel-Centraal is er overal een lichte stijging. Antwerpen haalt zelfs 6.000 reizigers meer dan in 2007 en ook in het weekend bezet het de tweede plaats met 22.259 reizigers op zaterdag. Brugge is goed voor 17.094 reizigers per weekdag.

Als enige Vlaamse provinciehoofdstad, scoort Hasselt een stuk zwakker en levert slechts 5.865 treinreizigers. Volgens TreinTramBus komt dit door een laag aanbod vanuit Limburg naar Brussel en Antwerpen enerzijds, en anderzijds ook een minder performant net voor het voor-en natransport.

In Wallonië blijft Ottignies op de zevende plaats het eerste Waalse station met 22.162 instappers, een pak meer dan veel grotere Waalse steden zoals Namen (17.773), Luik: (15.153), Charleroi: (11.218) en Bergen (Mons) met 8.556 instappers.

Investeren in een beter aanbod bevordert het aantal reizigers
De organisatie ziet positieve evoluties in stations waar er enig potentieel aanwezig is en een aantrekkelijk aanbod wordt geboden.

Zo kent de stopplaats Wezemaal, tussen Leuven en Aarschot, vandaag 552 opstappers /weekdag en zelfs 168 op zaterdag. In 2003 en 2005 lag het aantal rond de 350 op een werkdag en 80 op een zaterdag. De stijging is volgens TTB te danken aan een mooie basisdienst met twee treinen per uur de hele dag door en parkeergelegenheid in de buurt. De verzadigde wegen, zoals de E314, in de regio zijn uiteraard een belangrijke factor die de mensen doet overstappen op de trein.

Wezemaal scoort met dit cijfer een stuk beter dan de vergelijkbare stopplaats Vertrijk (Boutersem), tussen Leuven en Tienen: ook daar zijn de wegen zoals de E40 richting Leuven verzadigd, maar het aanbod is er een stuk beperkter met slechts één trein per uur op weekdagen en één om de twee uur in het weekend.
Andere stations die hun aanbod de jongste jaren zagen verbeteren zijn deze van Boortmeerbeek: 486 ten opzichte van ongeveer 240. Haacht kende met 921 pendelaars een derde meer reizigers dan 2005 en een verdubbeling ten opzichte van 2003.

Ook de stopplaatsen tussen Leuven en Brussel gaan er, ondanks een potentieel door een betere dienstverlening, op vooruit. Herent gaat naar 395 reizigers (tov. 219 in 2003 en 257 in 2005), Kortenberg naar 542 van respectievelijk 332 en 343, en Diegem naar 1.083 van 563 en 885. In dat laatste geval moet wel worden gewezen op de toenemende kantoorontwikkelingen in de regio Zaventem, waardoor Diegem tegenwoordig belangrijker is als bestemming qua werkgelegenheid, dan als vertrekplaats van bewoners. Volgens TTB zou deze halte een bediening op IR-niveau verdienen.

In 2010 kijkt de organistie alvast uit naar de groeicijfers tussen Brussel en Dendermonde, en tussen Leuven en Ottignies.

Heropende stations scoren goed
Ook heropende stations zijn volgens de organisatie een succes. Zo behaalt Heusden, tussen Beringen en Zolder, al 205 reizigers per werkdag tegenover 170 vroeger, Zolder 125 (tov. 96), Olen 351 (tov.325), het Gentse Beervelde 154 reizigers per werkdag in het eerste jaar na heropening en Evergem 174.
De halte Noorderkempen, langs de E19 heeft een cijfer van 696 opstappers, dat inmiddels boven de 1000 zou liggen.

De cijfers voor de heropende stopplaatsen die enkel op werkdagen worden bedient in de provincie Luxemburg zijn lager, maar toch hoopgevend: Athus 136, Halanzy 93, Messancy 88. De nieuwe halte Hergenrath aan de Duitse grens behaalt slechts 21 reizigers per weekdag

Kleinere Brusselse stations groeien ook mee

Rond de jaarwisseling wou de NMBS het aanbod op lijn 26, die tussen Vilvoorde en Halle loopt langs het oosten van Brussel, doen afnemen. Ondanks een licht veranderde dienstregeling scoren de stations nog vrij goed. In Meiser en Haren stappen er op een weekdag 603 en 422 reizigers op, goed voor algauw 120 reizigers meer. Het nieuwe Diesdelle in Ukkel haalt meteen 386 reizigers. Jette is goed voor 2548 opstappende reizigers in de week.

(Bron: TreinTramBus)