Volledig elektrisch versus waterstof
Gepubliceerd door: PB
Momenteel kent de automobielindustrie een sterke groei in elektrische wagens, maar ook waterstofwagens met een brandstofcel zijn aan hun opmars bezig.
Eind april organiseerden de studenten van de master Electrical Power Engineering aan de Tu Delft een symposium dat het verhaal van beide partijen aan bod liet komen.
Tweestrijd
Erik de Nie bracht er als eerste spreker een kritische visie op de 'tweestrijd' tussen de elektrische auto en de waterstoftechnologie. Hij plaatste beide alternatieve brandstoftypes tegenover elkaar en riep op om een duidelijke positionering van de markt, zodat er geen twee halve technologieën zouden worden ontwikkeld of dat er geen tweede 'concurrentiestrijd' komt zoals in 1910 gebeurde tussen de elektrische en verbrandingsmotor. Hoewel hij werkzaam is voor The Silent Motor Company, een bedrijf dat gespecialiseerd is in het bouwen van brandstofcelvoertuigen, is hij ervan overtuigd dat de puur elektrische aandrijving een beter ketenrendement realiseert dan waterstof. Ten opzichte van de hedendaagse verbrandingsmotor die een ketenrendement heeft van 17 procent haalt een brandstofcelauto een ketenrendement van 25 procent en een wagen met elektrische aandrijving zelfs 70 procent.
De consument kiest voor de efficiëntste techniek
Het ketenrendement speelt volgens De Nie geen sleutelrol in het vraagstuk welke techniek uiteindelijk op grote schaal wordt geïntroduceerd. “Ik hoop van harte dat de puur elektrische aandrijving het wint van de waterstoftechnologie, maar ik denk dat de consument daarin de doorslaggevende factor is. De geschiedenis leert ons dat niet de meest efficiënte techniek wint, maar de gemakkelijkste. Denk maar terug naar het begin van de 19de eeuw toen de paardentram werd vervangen. Toen was de elektrische aandrijving al ontwikkeld, maar die is door de gebruiksvriendelijke dieselmotor van Otto Diesel verslagen.”
Volgens De Nie is de hedendaagse accutechnologie nog niet op het niveau om te concurreren met de actieradius die het rijden op waterstof realiseert. “Waterstof kun je in minder dan vijf minuten tanken. Op een volle tank rij je 400 kilometer, en omdat de brandstofcel compact is verlies je geen bagageruimte. Een elektrische auto opladen duurt in zijn gunstigste geval een kleine 20 minuten en het grote, zware accupakket neemt veel ruimte in. Daar zit niemand op te wachten.”
De consument zal het brandstoftype kiezen in functie van de ritlengte
Een verloren strijd? Als het aan De Nie ligt, maakt de elektrische auto nog een kans. “Het is geen kwestie of de elektrische auto beter is dan een waterstofauto. Ik denk dat het belangrijk is om te kijken waarvoor we de techniek willen inzetten. Een elektrische auto is veel beter geschikt om dienst te doen in het stadscentrum. Brandstofcelauto’s eerder voor de langere afstanden. Ik zie geen rede waarom beide technieken niet naast elkaar kunnen bestaan. Tenslotte wekt een brandstofcel elektriciteit op. De brandstofcel kan ook als range extender fungeren. Dat is in ieder geval al een betere oplossing dan een fossiele verbrandingsmotor.” De meningen naar aanleiding van deze toespraak zijn verdeeld en kunt u volgen op ZERauto.
De presentatie van spreker kan u hier bekijken. (Bron: ZERauto.nl)








